Als de drift in mijn kop zit dan zwiert mijn penseel. Dan lijk ik een beetje op Terpentijn de kunstschilder in de verhalen van Olie B. Bommel. Vorig jaar voor het laatst geexposeerd op de valreep van ons 'ik vertrek', en nog een keer hier in de franse buurt.
In de tussentijd stapelen de schilderijen zich maar op. Alle muren in huis zijn inmiddels bezet, stapels tegen de wand in het atelier en zelfs de slaapkamer moet er aan geloven.
Verkopen gaat ook nog wel, maar ja die zwierende kwast he.
Exposeren is leuk, maar ook gedoe, ik bedoel geregel.
De burgemeester wil graag een expootje hier in het dorp omdat ie gehoord heeft dat ik nogal wat dingetjes in en van het dorp hebt gekwast. Dat wordt de gemeentezaal, mooie ruimte, vaak bezet. Dus of ik me dan maar even wil schikken in zijn schema. Ik ben de rotste niet, over een maand dus al.
Een bevriende kunstenaar verderop vond maar dat ik in hun stad(je) moest komen 'hangen'.
Dat gaat daar via de wethouder culturele zaken. Goeie vent, weet wat van kunst, kent mijn werk via Facebook. 'Hangen' in mei. Kijk dat is relaxed.
Dus nu: uitzoeken, interview krant, posters, toch nog wat nieuws kwasten.
Al met al drukke boel. Om met Terpentijn te spreken: Het vet loopt dun langs het geraamte als de vibratie rijp wordt.
maandag 8 december 2014
zondag 9 november 2014
Rummiekuppen ... jaja
Dikke Marie kennen we al heel wat jaren. Eigenlijk vanaf onze introductie in de dorpskroeg. Die avond gleed zij met haar omvangrijke derriere van de barkruk om naar het toilet te gaan. Ze schatte de bocht die zij moest nemen iets te ruim in een knalde tegen de deurpost. Tja, dan heb je een snee in je neus.
Of anders die wintermiddag, vorst, veel sneeuw. Wij rijden heel langzaam de kroeg voorbij komt zij naar buiten, ziet ons en zwaait. Dat had ze beter niet kunnen doen, BAF daar zat ze op haar kont.
Kortom, ze lust een aardige slok. Elke middag rond een uur of drie schommelt ze door ons straatje. Tas in de ene hand en wandelstok in de andere. Met haar bijna tandeloze mond mompelt ze altijd iets van bonjour of ca va. Op weg naar de kroeg denken, dachten wij... want.
Want, zijn wij laatst in het gemeentezaaltje; zit daar een clubje oudere dames gezellig te rummikuppen. Kopje koffie erbij, of kopje thee. Bonjour monsieur Simon zwaaide Marie.
Krijg nou wat. Verdenken wij dat ze zich elke middag vol laat lopen, zit ze keurig een gezelschapsspelletje te spelen. Oei, oei, oei vader, dacht ik, pas op met je vooroordelen.
Via via hoorde ik later dat Marie halverwege de middag de spelregels niet zo goed meer kent, legt verkeerde stenen aan, stoot haar speelbordje om. Jammer, vinden de andere dames, tzal de leeftijd wel zijn, want ze moet ook altijd zo vaak plassen, en dan neemt ze haar tas altijd mee naar het toilet.
Louise is de bijdehandste van de dames en had een keer in haar tas gekeken ... ja hoor een fles pastis.
Het was de dames duidelijk. Er uit met die alcoholiste. Maar wie zegt het haar?
Aan het eind van de middag had Marie gezegd dat ze nog even naar de glasbak moest, ze had lege flessen van huis meegenomen, op de terugweg van de club kwam ze toch langs die glasbak.
Niemand zei wat, niemand wist wat.
Of anders die wintermiddag, vorst, veel sneeuw. Wij rijden heel langzaam de kroeg voorbij komt zij naar buiten, ziet ons en zwaait. Dat had ze beter niet kunnen doen, BAF daar zat ze op haar kont.
Kortom, ze lust een aardige slok. Elke middag rond een uur of drie schommelt ze door ons straatje. Tas in de ene hand en wandelstok in de andere. Met haar bijna tandeloze mond mompelt ze altijd iets van bonjour of ca va. Op weg naar de kroeg denken, dachten wij... want.
Want, zijn wij laatst in het gemeentezaaltje; zit daar een clubje oudere dames gezellig te rummikuppen. Kopje koffie erbij, of kopje thee. Bonjour monsieur Simon zwaaide Marie.
Krijg nou wat. Verdenken wij dat ze zich elke middag vol laat lopen, zit ze keurig een gezelschapsspelletje te spelen. Oei, oei, oei vader, dacht ik, pas op met je vooroordelen.
Via via hoorde ik later dat Marie halverwege de middag de spelregels niet zo goed meer kent, legt verkeerde stenen aan, stoot haar speelbordje om. Jammer, vinden de andere dames, tzal de leeftijd wel zijn, want ze moet ook altijd zo vaak plassen, en dan neemt ze haar tas altijd mee naar het toilet.
Louise is de bijdehandste van de dames en had een keer in haar tas gekeken ... ja hoor een fles pastis.
Het was de dames duidelijk. Er uit met die alcoholiste. Maar wie zegt het haar?
Aan het eind van de middag had Marie gezegd dat ze nog even naar de glasbak moest, ze had lege flessen van huis meegenomen, op de terugweg van de club kwam ze toch langs die glasbak.
Niemand zei wat, niemand wist wat.
maandag 3 november 2014
Alles klopt, soms, weer ...
Wij zijn verzekerd !! Eindelijk. Vijf maanden gewacht op ons ziekenfondspasje. De beroemde 'carte vital' .Veel gedoe bij de dokter en de farmacie. Maar nu doet alles het; het klopt dus.
Kunnen we met een gerust hart ziek worden. Nou dat klopt dus ook bijna. Er zit wat beklemt in mijn rechter arm, alles in die arm tintelt en klopt (!), irritant, moeilijk typen en nog erger: heel moeilijk schilderen. Dat laatste klopt dus niet.
Eergister, zaterdag, de laatste mooie herfstdag. Weer naar strand, weer aan een haventje gelopen en vis gekocht. Veel vis, te veel vis. Aan de ene kant klopt dat dan weer wel, maar ook weer een beetje van niet. Ik zag op de toonbank grote tongscharren. Bingo, voor mij. Ja doet u die maar, ja die daar. Een kilo, zozo. Ja zonder kop graag, weegt die toch altijd wat minder.
Voor Chris een barbue, een griet dus. Pondje ? Is goed.
Alles klopt, mijn ouwe Scheveningse vissershart, de vissen, ietsje meer, klopt ook.
Gistermiddag achter de pannen. Patterdepat. Glaasje er bij glaasje er naast, vis moet zwemmen.
En hopla. Daar gingen die jongens. Twas heel stil in de keuken. O wat was dat lekker, o wat klopte alles.
Vannacht toch een beetje geborrel. Ik denk dat die vis toch ietwat te groot was.
Buiten klopt het eigenlijk ook al niet meer. Het spookt van de herfststormen, felle regenvlagen. Volgens de kalender klopt het wel en de barometer beaamt het, de wijzers kunnen bijna niet lager.
Zo nu ga ik weer eventjes liggen, beetje naar het vuur in de openhaard kijken.
Kijken of alles nog klopt, denkt het haast van wel.
Kunnen we met een gerust hart ziek worden. Nou dat klopt dus ook bijna. Er zit wat beklemt in mijn rechter arm, alles in die arm tintelt en klopt (!), irritant, moeilijk typen en nog erger: heel moeilijk schilderen. Dat laatste klopt dus niet.
Eergister, zaterdag, de laatste mooie herfstdag. Weer naar strand, weer aan een haventje gelopen en vis gekocht. Veel vis, te veel vis. Aan de ene kant klopt dat dan weer wel, maar ook weer een beetje van niet. Ik zag op de toonbank grote tongscharren. Bingo, voor mij. Ja doet u die maar, ja die daar. Een kilo, zozo. Ja zonder kop graag, weegt die toch altijd wat minder.
Voor Chris een barbue, een griet dus. Pondje ? Is goed.
Alles klopt, mijn ouwe Scheveningse vissershart, de vissen, ietsje meer, klopt ook.
Gistermiddag achter de pannen. Patterdepat. Glaasje er bij glaasje er naast, vis moet zwemmen.
En hopla. Daar gingen die jongens. Twas heel stil in de keuken. O wat was dat lekker, o wat klopte alles.
Vannacht toch een beetje geborrel. Ik denk dat die vis toch ietwat te groot was.
Buiten klopt het eigenlijk ook al niet meer. Het spookt van de herfststormen, felle regenvlagen. Volgens de kalender klopt het wel en de barometer beaamt het, de wijzers kunnen bijna niet lager.
Zo nu ga ik weer eventjes liggen, beetje naar het vuur in de openhaard kijken.
Kijken of alles nog klopt, denkt het haast van wel.
zondag 2 november 2014
Over de doden niets dan goeds
Rare, verbazende dagen. Alle zielen, alle heiligen. Wat ik er zo van begrijp is het een katholieke herdenking, gedenking van overleden dierbaren.
Dat die katholieken daar een of twee dagen voor aan hebben gewezen .... tja, daar heb ik niks mee. Je kunt, je doet toch niks anders dan altijd, heel vaak, aan je overleden dierbare denken. Aan alle mooie dingen, herinneringen. Want over de doden niets dan goeds luidt de uitdrukking.
Tis zelfs hier in Frankrijk nog erger dat ze er een vrije dag voor hebben uitgevonden. Dus op die dag, die ene dag, dan mag je, moet je ...... gedenken.
Dus hoepla de hele bups naar het kerkhof, met een chrysantenbol onder je arm ... en gedenken maar.
Het moet toch niet gekker worden.
Wij hebben twee van die chrysantenbollen voor de deur staan. Gewoon omdat het mooie herfstkleuren zijn. Om aan mijn overleden dierbaren te denken heb ik die bollen niet nodig.
Maar wat nog veel gekker, zo niet erger is .... de dag of avond er voor.
Halloween .... welke idioot heeft dat verzonnen.
In dagen van herdenking, gedenking aan overleden dierbaren ontstaat er een 'feestelijk' gebeuren van tot leven gekomen lijken in de meest walgelijke uitdossingen.
En .... het is de bedoeling dat vooral kinderen zich als zodanig uitdossen en bijvoorbeeld buren laten schrikken.
Zelf zijn ze zo klein dat ze geen idee hebben wat er gaande is. Zichzelf de pleuris schrikken wat andere kinderen voor uitdossing aan hebben. En volwassenen die in een geraamtekostuum doordrengt met bloed heel hard BOE roepen. Gillen, lachen, leuk he?
Volwassenen die dit aanrichten hebben de grootste lol, sloven zich dagen lang uit, kopen winkels leeg met en van rotzooi, het is niet aan te slepen.
En als de kindertjes 's avonds met holle ogen van angst en spanning naar bed gaan ... dan zeggen de ouders ... : leuk was het he? en al die snoepjes, veel he ....en oh ja doe je ook nog even een gebedje voor opa en oma die in de hemel zijn, of dat jongetje uit de derde klas die een beetje ziek was en toen zo maar ineens dood ging..... daaaag, Jaja, was wel een beetje zielig, maar ga nu maar lekker slapen ...... tot morgen !!!!
Dat die katholieken daar een of twee dagen voor aan hebben gewezen .... tja, daar heb ik niks mee. Je kunt, je doet toch niks anders dan altijd, heel vaak, aan je overleden dierbare denken. Aan alle mooie dingen, herinneringen. Want over de doden niets dan goeds luidt de uitdrukking.
Tis zelfs hier in Frankrijk nog erger dat ze er een vrije dag voor hebben uitgevonden. Dus op die dag, die ene dag, dan mag je, moet je ...... gedenken.
Dus hoepla de hele bups naar het kerkhof, met een chrysantenbol onder je arm ... en gedenken maar.
Het moet toch niet gekker worden.
Wij hebben twee van die chrysantenbollen voor de deur staan. Gewoon omdat het mooie herfstkleuren zijn. Om aan mijn overleden dierbaren te denken heb ik die bollen niet nodig.
Maar wat nog veel gekker, zo niet erger is .... de dag of avond er voor.
Halloween .... welke idioot heeft dat verzonnen.
In dagen van herdenking, gedenking aan overleden dierbaren ontstaat er een 'feestelijk' gebeuren van tot leven gekomen lijken in de meest walgelijke uitdossingen.
En .... het is de bedoeling dat vooral kinderen zich als zodanig uitdossen en bijvoorbeeld buren laten schrikken.
Zelf zijn ze zo klein dat ze geen idee hebben wat er gaande is. Zichzelf de pleuris schrikken wat andere kinderen voor uitdossing aan hebben. En volwassenen die in een geraamtekostuum doordrengt met bloed heel hard BOE roepen. Gillen, lachen, leuk he?
Volwassenen die dit aanrichten hebben de grootste lol, sloven zich dagen lang uit, kopen winkels leeg met en van rotzooi, het is niet aan te slepen.
En als de kindertjes 's avonds met holle ogen van angst en spanning naar bed gaan ... dan zeggen de ouders ... : leuk was het he? en al die snoepjes, veel he ....en oh ja doe je ook nog even een gebedje voor opa en oma die in de hemel zijn, of dat jongetje uit de derde klas die een beetje ziek was en toen zo maar ineens dood ging..... daaaag, Jaja, was wel een beetje zielig, maar ga nu maar lekker slapen ...... tot morgen !!!!
vrijdag 24 oktober 2014
3 ganzen, 3 tranen
De naast ons huis gelegen moestuin van maar liefst 1200 m2 was van oude buurman Bernard. Van alles werd er in verbouwd aardappelen, talloze groentes, fruit.
Elk voorjaar liep hij er ook met een paar jonge ganzen. Die pluizenbollen volgden hem overal. Als het 's zomers te warm was lag Bernard in de schaduw van onze schuur.
Ouwe Bernard, altijd een kalot op, grote snor, een wandelstok.
En altijd humor. Een knetterende scheet als hij bukte, om zich heen keek of ik in de tuin was en: Ja Simon er was onweer voorspeld vandaag. En dan bulderde zijn lach door de vallei. Hij was mijn kameraad.
Na zijn overlijden hebben wij afgelopen zomer de tuin overgenomen. Zijn vrouw vindt het prachtig en moedigt ons aan met de werkzaamheden en lacht als we weer eens moe zijn en klagen over spierpijn.
In NL hebben we laatst een paar oude betonnen ganzen gevonden, vies en groen bemost, prachtig.
Ik heb ze bij elkaar bij het hek neergezet en kijken zo naar het huis van Bernard en Jeanne.
De voordeur vliegt open en met haar handen voor haar mond komt Jeanne versneld aansloffen.
Wat mooi, wat leuk, Oh, dat vindt Bernard ook leuk.
Zij omhelst ons en huilt, ook wij pinken een traantje weg.
Jardin des oies.
Elk voorjaar liep hij er ook met een paar jonge ganzen. Die pluizenbollen volgden hem overal. Als het 's zomers te warm was lag Bernard in de schaduw van onze schuur.
Ouwe Bernard, altijd een kalot op, grote snor, een wandelstok.
En altijd humor. Een knetterende scheet als hij bukte, om zich heen keek of ik in de tuin was en: Ja Simon er was onweer voorspeld vandaag. En dan bulderde zijn lach door de vallei. Hij was mijn kameraad.
Na zijn overlijden hebben wij afgelopen zomer de tuin overgenomen. Zijn vrouw vindt het prachtig en moedigt ons aan met de werkzaamheden en lacht als we weer eens moe zijn en klagen over spierpijn.
In NL hebben we laatst een paar oude betonnen ganzen gevonden, vies en groen bemost, prachtig.
Ik heb ze bij elkaar bij het hek neergezet en kijken zo naar het huis van Bernard en Jeanne.
De voordeur vliegt open en met haar handen voor haar mond komt Jeanne versneld aansloffen.
Wat mooi, wat leuk, Oh, dat vindt Bernard ook leuk.
Zij omhelst ons en huilt, ook wij pinken een traantje weg.
Jardin des oies.
maandag 20 oktober 2014
Afscheid
De mevrouw van het weerbericht heeft het er al dagen over. Er komt een 'tempète' aan, hier bij ons, morgen. Een storm van heb ik jou daar. Windstoten, slagregens. Het zijn restanten van de orkaan Gorganzola, die huishield op de Bermuda's.
In Nederland heet zoiets, een herfstinfarct, dan ligt heel NL plat, bladeren op de rails, dus geen treinen, heel NL in de file, langdurig in het journaal.
Hier bij ons, in Pas de Calais. Tja, hoe zal ik het noemen. 't Is nog steeds lekker, graadje of 18 nu, overdag iets van 21 geloof ik. Voor het eten nog een wijntje buiten.
Maar het zit me toch niet lekker, zo'n weerbericht, zo'n ouwe orkaan.
Dus neem ik alvast afscheid.
Want.
Als het op 300 kilometer afstand gaat waaien of nog erger onweren, valt hier de televisie al uit. En als die bui dichterbij komt ook de computer, de vaste telefoon (de mobiele doet het hier sowieso nooit).
Dus, donc, ergo, wij zijn van alles en iedereen verstoken, de buitenwereld, jullie, en al die andere mensen.
Oh ja de stroom kan ook nog uitvallen.
Er zijn nog 4 waxinelichtjes, zei Chris zojuist, en nog een halve zak frites. Die warmen we wel op, bij de open haard, zei ze er geruststellend achteraan.
't Is een beetje stil buiten, heel erg stil, Iona loopt onrustig door de tuin, ernstig donkere wolken boven de heuvels in het zuid westen.
Het is zover.
Wie weet, tot ziens, of zoiets
In Nederland heet zoiets, een herfstinfarct, dan ligt heel NL plat, bladeren op de rails, dus geen treinen, heel NL in de file, langdurig in het journaal.
Hier bij ons, in Pas de Calais. Tja, hoe zal ik het noemen. 't Is nog steeds lekker, graadje of 18 nu, overdag iets van 21 geloof ik. Voor het eten nog een wijntje buiten.
Maar het zit me toch niet lekker, zo'n weerbericht, zo'n ouwe orkaan.
Dus neem ik alvast afscheid.
Want.
Als het op 300 kilometer afstand gaat waaien of nog erger onweren, valt hier de televisie al uit. En als die bui dichterbij komt ook de computer, de vaste telefoon (de mobiele doet het hier sowieso nooit).
Dus, donc, ergo, wij zijn van alles en iedereen verstoken, de buitenwereld, jullie, en al die andere mensen.
Oh ja de stroom kan ook nog uitvallen.
Er zijn nog 4 waxinelichtjes, zei Chris zojuist, en nog een halve zak frites. Die warmen we wel op, bij de open haard, zei ze er geruststellend achteraan.
't Is een beetje stil buiten, heel erg stil, Iona loopt onrustig door de tuin, ernstig donkere wolken boven de heuvels in het zuid westen.
Het is zover.
Wie weet, tot ziens, of zoiets
zondag 19 oktober 2014
Gij ziet maar !!!
Gisteren 27 graden. Even buiten Le Crotoy neergestreken op het strand van de Baai van de Somme. Extreem laag water waardoor er een waddengebied ontstaat van kilometers. Zand, zand en zand, met hier en daar een kleine mui er tussen. Aan de overkant het gehuchtje Le Hourdel en links de contouren van St. Valery sur Somme.
Warm, zacht windje, blauwe lucht met witte vegen, weinig mensen.
Chris en Iona maken een ommetje op het immense wad.
Achter mij komt een echtpaar een zandpad afgelopen, richting strand. Zij praten druk, niet met elkaar maar tegen elkaar blijkt al duidelijk, en ze praten Vlaams.
De vrouw heeft letterlijk en figuurlijk de broek aan. Zij geeft in fors tempo de route aan die zij wil lopen, De man sputtert wat tegen, wijst de andere richting van het wad uit en gebaart met zijn camera dat hij wat fotoos wil maken. Een paar maar, hoor ik hem bijna onderdanig zeggen.
Die kant op wijst de dame en loopt van de man weg, kijkt niet om.
De man blijft eerst roerloos staan, dan heft hij beide armen in de lucht: Marieke, toe nou ... roept hij in haar richting.
Zijn jammerklacht bereikt haar ondanks de afstand, al doorlopend schreeuwt zij terug: Gij ziet maar !! En door gaat haar tempo.
De man kijkt wat radeloos om zich heen, dan richt zijn blik zich op de eindeloos lijkende verte. Daar ligt de oceaan, daar komt straks het hoge water vandaan .... in razend tempo ...
Ik zie hem denken, ik hoor hem bijna denken.
Warm, zacht windje, blauwe lucht met witte vegen, weinig mensen.
Chris en Iona maken een ommetje op het immense wad.
Achter mij komt een echtpaar een zandpad afgelopen, richting strand. Zij praten druk, niet met elkaar maar tegen elkaar blijkt al duidelijk, en ze praten Vlaams.
De vrouw heeft letterlijk en figuurlijk de broek aan. Zij geeft in fors tempo de route aan die zij wil lopen, De man sputtert wat tegen, wijst de andere richting van het wad uit en gebaart met zijn camera dat hij wat fotoos wil maken. Een paar maar, hoor ik hem bijna onderdanig zeggen.
Die kant op wijst de dame en loopt van de man weg, kijkt niet om.
De man blijft eerst roerloos staan, dan heft hij beide armen in de lucht: Marieke, toe nou ... roept hij in haar richting.
Zijn jammerklacht bereikt haar ondanks de afstand, al doorlopend schreeuwt zij terug: Gij ziet maar !! En door gaat haar tempo.
De man kijkt wat radeloos om zich heen, dan richt zijn blik zich op de eindeloos lijkende verte. Daar ligt de oceaan, daar komt straks het hoge water vandaan .... in razend tempo ...
Ik zie hem denken, ik hoor hem bijna denken.
zaterdag 11 oktober 2014
Rothko ... op
Eindelijk een parkeerplek gevonden sta ik voor het Gemeentemuseum in Den Haag even uit te puffen. Een van de mooiste musea van Nederland en dan nu ook nog met een grote tentoonstelling: Mark Rothko.
Ik houd helemaal niet van dit soort kunst en daarom ga ik even kijken. Kijken naar die gekleurde vlakken met een grote roller in een dronken bui opgebracht. En dan die kleuren, hoe verzin je zoiets behalve als je niet blind bent.. Afschuwelijk ... en daar komen hele volksstammen op af. Cultuuranalfabeten zijn het. Een recensent schreef van de week over het 'ultime Rothko moment' ; nou moet je oppassen of ik laat je opsluiten dacht ik.
Goed, daar sta ik dan wat te mijmeren, hoor ik stemmen achter mij. Ja hoor, wie anders? Mijn vriend Vincent van Gogh. Beetje tipsie slaat hij me op de schouders. Je gaat daar toch naar binnen he? Je gaat toch niet naar zo'n huisschilder kijken?
Ahum , mijne heeren, eenen goeden gemeende middag. Krijg nou de pest zeg ik tegen Vincent, daar heb je waarempel Rembrandt en Vermeer. Hé, oude rukkers begint Vincent, jullie motten met me mee gaan naar het strand, is vlak bij man. Scheveningen, die zee, die luchten, die wolken.
Inderdaad heer van Gogh, dat lijkt ons het beste, onze ogen kunnen hetgeen binnen tentoongesteld wordt ten ene male niet verdraeghen. Bovendien een glas oude genever en enen zouten haering, mmm.
Net als iedereen zich richting Scheveningen wil omdraaien.
Bonjour kunstbroeders! Het zijn Marcel Duchamps en Piet Mondriaan.
Nu wordt het rood en groen voor onze ogen. In ieder geval die van Vincent en die van mij.
Met jou is de ellende begonnen Duchamps schreeuw ik uit. Met je fietswiel op een krukkie en een pispot an de muur.
Je kop mot daarin en dan heel hard doortrekken, gilt Vincent er bovenuit
En jij ... gekke Mondriaan, met je streepies. Goed dat je hier in de Haag bent, ken je lekker alle zebra- oversteekplaatsen een kleurtje geven. Jajaja, kijk maar niet zo zuinig. Ik weet heus wel dat jouw kleuterwerk hier ook binnen hangt.
Rot op mensen, ROT op. Iemand schreeuwt nog harder dan wij. Anton Heijboer, van boven tot onder de verf, in elke hand een stapel penselen. Rot op Rothkop.
Opzouten jullie kunstbroeders, ik ga die Rothkop binnen eens een lesje leren met zijn gepruts.
Eer de suppoosten het door hebben zwaait hij door de menigte naar binnen.
En daarna wil ik neuken, horen we hem nog in de verte roepen.
Ik houd helemaal niet van dit soort kunst en daarom ga ik even kijken. Kijken naar die gekleurde vlakken met een grote roller in een dronken bui opgebracht. En dan die kleuren, hoe verzin je zoiets behalve als je niet blind bent.. Afschuwelijk ... en daar komen hele volksstammen op af. Cultuuranalfabeten zijn het. Een recensent schreef van de week over het 'ultime Rothko moment' ; nou moet je oppassen of ik laat je opsluiten dacht ik.
Goed, daar sta ik dan wat te mijmeren, hoor ik stemmen achter mij. Ja hoor, wie anders? Mijn vriend Vincent van Gogh. Beetje tipsie slaat hij me op de schouders. Je gaat daar toch naar binnen he? Je gaat toch niet naar zo'n huisschilder kijken?
Ahum , mijne heeren, eenen goeden gemeende middag. Krijg nou de pest zeg ik tegen Vincent, daar heb je waarempel Rembrandt en Vermeer. Hé, oude rukkers begint Vincent, jullie motten met me mee gaan naar het strand, is vlak bij man. Scheveningen, die zee, die luchten, die wolken.
Inderdaad heer van Gogh, dat lijkt ons het beste, onze ogen kunnen hetgeen binnen tentoongesteld wordt ten ene male niet verdraeghen. Bovendien een glas oude genever en enen zouten haering, mmm.
Net als iedereen zich richting Scheveningen wil omdraaien.
Bonjour kunstbroeders! Het zijn Marcel Duchamps en Piet Mondriaan.
Nu wordt het rood en groen voor onze ogen. In ieder geval die van Vincent en die van mij.
Met jou is de ellende begonnen Duchamps schreeuw ik uit. Met je fietswiel op een krukkie en een pispot an de muur.
Je kop mot daarin en dan heel hard doortrekken, gilt Vincent er bovenuit
En jij ... gekke Mondriaan, met je streepies. Goed dat je hier in de Haag bent, ken je lekker alle zebra- oversteekplaatsen een kleurtje geven. Jajaja, kijk maar niet zo zuinig. Ik weet heus wel dat jouw kleuterwerk hier ook binnen hangt.
Rot op mensen, ROT op. Iemand schreeuwt nog harder dan wij. Anton Heijboer, van boven tot onder de verf, in elke hand een stapel penselen. Rot op Rothkop.
Opzouten jullie kunstbroeders, ik ga die Rothkop binnen eens een lesje leren met zijn gepruts.
Eer de suppoosten het door hebben zwaait hij door de menigte naar binnen.
En daarna wil ik neuken, horen we hem nog in de verte roepen.
donderdag 9 oktober 2014
Als je van hout houdt
Enorme loods, hout overal, in stapels, in bundels, latten, balken, groot, dik, dun.
Waar komt u voor ?
Hout voor de tuin !
Ah, u bent Nederlander, kom zo bij u.
Huh, denk ik, ik zie er Frans uit: sjofel, Franse auto voor de loods geparkeerd. Hij zal het wel horen.
Dan volgt een bijna omhelzing met de houtbaas. Waar we in NL vandaan komen. Spijkenisse, nee, nooit van gehoord. Vlakbij Rotterdam, aha.
Hij, de houtbaas, komt elke maand een weekend in Hwosnkesdiek ?
Comment ?
Hwosndezediek !
Huh ... ah Honselersdijk.
Voila, zeg ik vlakbij Den Haag en Delft, toch !
De houtbaas valt bekant in aanbidding aan onze voeten.
Oh en ah .... maar waar kwam u voor?
We doen onze bestelling: hout. Hout voor de tuin, onbehandeld hout, planken, balken en een fors schapenhek.
Naturellement .... mon ami, en gratis bezorgd mon ami, zei hij triomfantelijk.
Maar dat stond ook al op de internetsite, zei ik niet, maar dacht het wel, bijna hard op.
Waar komt u voor ?
Hout voor de tuin !
Ah, u bent Nederlander, kom zo bij u.
Huh, denk ik, ik zie er Frans uit: sjofel, Franse auto voor de loods geparkeerd. Hij zal het wel horen.
Dan volgt een bijna omhelzing met de houtbaas. Waar we in NL vandaan komen. Spijkenisse, nee, nooit van gehoord. Vlakbij Rotterdam, aha.
Hij, de houtbaas, komt elke maand een weekend in Hwosnkesdiek ?
Comment ?
Hwosndezediek !
Huh ... ah Honselersdijk.
Voila, zeg ik vlakbij Den Haag en Delft, toch !
De houtbaas valt bekant in aanbidding aan onze voeten.
Oh en ah .... maar waar kwam u voor?
We doen onze bestelling: hout. Hout voor de tuin, onbehandeld hout, planken, balken en een fors schapenhek.
Naturellement .... mon ami, en gratis bezorgd mon ami, zei hij triomfantelijk.
Maar dat stond ook al op de internetsite, zei ik niet, maar dacht het wel, bijna hard op.
dinsdag 7 oktober 2014
Peinzen, pijn en de regenfilosoof
De lucht is zwaar van het grijs, bomen kreunen door de wind. Zomer voorbij, het is herfst. Ik slenter door het laatste bospad de heuvel op. Ik schrik op van een kuch achter mij. Het is de regenfilosoof. Het seizoen als landarbeider zit er op Simon, ik ga weer verder, naar daar waar ze mij nodig hebben. Ik zeg je dus gedag. Je ziet er gekromd uit trouwens, veel gedachten in je kop?
Ik heb hem even zijdelings aangekeken en loop verder, hij schopt in de bladeren.
Ik zucht en zeg dat ik veel te peinzen heb en dat er peinsdingen zijn die pijn doen. Daarom loop ik in het bos, ik tel dan mijn voetstappen en soms peins ik dan heel even niet. Ik wacht en zeg dan dat ik soms helemaal niet weet dat ik loop.
Het begint ineens keihard te regenen, grote druppels kletteren. De regenfilosoof neemt zijn pet af en laat de druppels op zijn kale hoofd kletsen. Doe maar gebaart hij mij, ook mijn pet gaat af.
Samen staan we in de regen. Hij begint te glimlachen, aarzelend doe ik mee, dan stopt opeens de regen.
Kijk zo gaat dat mijn vriend. Haha, lacht hij ietwat schamper. En dan vervolgt hij: Het leven moet achterwaarts worden begrepen, voorwaarts worden beleefd. Ajuus Simon en stapt verder mij verbouwereerd achterlatend.
Die is van Soren Kierkegaard, die Deense filosoof, roep ik hem na.
Hij kijkt niet om en zwaait met één arm.
Hé, ik schreeuw hem na, ik heb het nooit begrepen. Hoe kun je nou eerst leven en dan begrijpen, dan doe je toch maar wat. Moet je niet altijd, ik bedoel heel vaak stil blijven staan, begrijpen en dan weer doorgaan, ik bedoel met die kennis. Hé .... Hé ... hoor je me nog ?? Denk ik het goed ?? Laat me nu niet alleen klootzak !!!
Een zwerm spreeuwen scheert met groot geraas door lucht, maakt cirkels, verdwijnen, komen weer terug. De zon breekt door, ongemerkt ben ik de heuvel opgeklommen en kijk in het dal en naar de andere heuvels rondom mij.
Het is stil.
Ik heb hem even zijdelings aangekeken en loop verder, hij schopt in de bladeren.
Ik zucht en zeg dat ik veel te peinzen heb en dat er peinsdingen zijn die pijn doen. Daarom loop ik in het bos, ik tel dan mijn voetstappen en soms peins ik dan heel even niet. Ik wacht en zeg dan dat ik soms helemaal niet weet dat ik loop.
Het begint ineens keihard te regenen, grote druppels kletteren. De regenfilosoof neemt zijn pet af en laat de druppels op zijn kale hoofd kletsen. Doe maar gebaart hij mij, ook mijn pet gaat af.
Samen staan we in de regen. Hij begint te glimlachen, aarzelend doe ik mee, dan stopt opeens de regen.
Kijk zo gaat dat mijn vriend. Haha, lacht hij ietwat schamper. En dan vervolgt hij: Het leven moet achterwaarts worden begrepen, voorwaarts worden beleefd. Ajuus Simon en stapt verder mij verbouwereerd achterlatend.
Die is van Soren Kierkegaard, die Deense filosoof, roep ik hem na.
Hij kijkt niet om en zwaait met één arm.
Hé, ik schreeuw hem na, ik heb het nooit begrepen. Hoe kun je nou eerst leven en dan begrijpen, dan doe je toch maar wat. Moet je niet altijd, ik bedoel heel vaak stil blijven staan, begrijpen en dan weer doorgaan, ik bedoel met die kennis. Hé .... Hé ... hoor je me nog ?? Denk ik het goed ?? Laat me nu niet alleen klootzak !!!
Een zwerm spreeuwen scheert met groot geraas door lucht, maakt cirkels, verdwijnen, komen weer terug. De zon breekt door, ongemerkt ben ik de heuvel opgeklommen en kijk in het dal en naar de andere heuvels rondom mij.
Het is stil.
donderdag 25 september 2014
Leven in Frankrijk: Dialoog met mijn tuinman
Van die heerlijke verblijdmomenten, zo af en toe natuurlijk.
Keken we vorige week de film: Dialoog met mijn tuinman. Heerlijk onderhoudend en bovendien Frans. Redelijk gevierde kunstschilder uit Parijs heeft landhuis a la campagne. Weet weinig tot niets van tuinieren. Huurt een tuinman in. Licht onnozele man met rake opmerkingen. Er ontstaat vriendschap. De tuinman noemt de schilder: van der Kwast en andersom: van der Tuin.
Tuinman wordt ziek gaat dood, en kwastmans gebruikt zijn tuinattributen in zijn schilderijen.
Leuk, aardige film, goed geacteerd.
Wij hebben een huisje a la campagne en ik probeer de kunstschilder uit te hangen. Voor de onlangs verworven grote wildernistuin hebben we eindelijk 'een mannetje' gevonden. Onzer van der Tuin is een man van heeeeeel weinig woorden, weinig te dialogeren dus. Maar wat ie zegt klopt. Althans dat denken wij, dat vinden wij ook, omdat we niks van tuinieren afweten.
Hoe kan het toch zo samen komen, een film en onze echte realiteit. Tis wat.
Zo maar a la campagne.
Keken we vorige week de film: Dialoog met mijn tuinman. Heerlijk onderhoudend en bovendien Frans. Redelijk gevierde kunstschilder uit Parijs heeft landhuis a la campagne. Weet weinig tot niets van tuinieren. Huurt een tuinman in. Licht onnozele man met rake opmerkingen. Er ontstaat vriendschap. De tuinman noemt de schilder: van der Kwast en andersom: van der Tuin.
Tuinman wordt ziek gaat dood, en kwastmans gebruikt zijn tuinattributen in zijn schilderijen.
Leuk, aardige film, goed geacteerd.
Wij hebben een huisje a la campagne en ik probeer de kunstschilder uit te hangen. Voor de onlangs verworven grote wildernistuin hebben we eindelijk 'een mannetje' gevonden. Onzer van der Tuin is een man van heeeeeel weinig woorden, weinig te dialogeren dus. Maar wat ie zegt klopt. Althans dat denken wij, dat vinden wij ook, omdat we niks van tuinieren afweten.
Hoe kan het toch zo samen komen, een film en onze echte realiteit. Tis wat.
Zo maar a la campagne.
dinsdag 13 mei 2014
Mijn tweede boek is uit: DE VROUW EN DE CELLO
Mijn tweede boek
" De vrouw en de cello "
is uit
Op Facebook
vanaf vandaag elke dag een aflevering
Op Facebook
gewoon onder eigen naam
Simon Korving
" De vrouw en de cello "
is uit
Op Facebook
vanaf vandaag elke dag een aflevering
Op Facebook
gewoon onder eigen naam
Simon Korving
vrijdag 2 mei 2014
Direct door naar de gevangenis
Nog net op tijd. Op de laatste dag van 2013 schreven wij ons in in het kiesregister. Zo maar, hoepla, in ons stadhuisje. Er werd door de ambtenaar, de enige, uit een kartonnen doos een formulier opgeduikeld, ingevuld, ondertekend, en wachten maar. Een week later kregen we per post een officiele Franse stemkaart. Nou daar hebben we met de gemeenteraadverkiezingen gebruikt van gemaakt. We werden ten stadhuize warm onthaald. Keurig en officieel, zoals dat hoort. Maar een beetje extra omdat wij buitenlanders zijn. Een extra glimlach, een extra handdruk.
De pret duurde niet zo lang. Iemand, geen idee wie, is er achter gekomen dat onze stemkaart alleen maar geldig is voor de gemeenteraad en dus niet straks voor de Europese verkiezingen. Een van de wethouders (jaja we hebben er vier) kwam met een formulier aan de deur. Allebei even tekenen, hij zorgde voor de rest. Want, één Europa, dat wilden wij toch ook wel ... Ik wou nog zeggen dat ik het belachelijk vind dat door Frankrijks toedoen elke maand het hele Europese circus van Brussel naar Straatsburg verhuisd, maar ach.
Daarna kwam de dienstdoend ambtenaar langs en vroeg om een kopietje van ons paspoort, oeps was vergeten, nieuwe kaart kom zo, twee weekjes. Net op tijd voor de verkiezingen monsieur Simon.
D' accord, zei ik. Mij steekt het niet op een dag.
Staat er vorige week een vreemde auto en een vreemde meneer in een vreemd uniform voor de deur.
Tikt aan zijn pet, geeft twee brieven af. Handgeschreven enveloppen. Een voor Chris en een voor mij.
In verband met onvolkomenheden volgens art, 34 lid L, sub 7 zijn wij dringend ontboden bij het Tribunal d'Instance, en wel bij de leidinggevende griffier. Datum, tijd, in de audientiezaal, melden bij de portier. Ook de préfect van het département en de burgemeester van ons dorp zijn ontboden. Dat wordt link, dacht ik, das nie goed.
Dikke stempels en handtekeningen, bijlagen van wetsartikelen in hele kleine lettertjes.
Lekker integreren. Zie je wel, de buitenlanders hebben het weer eens gedaan.
Droge kelen kregen we ervan en dat is geen goed teken.
De pret duurde niet zo lang. Iemand, geen idee wie, is er achter gekomen dat onze stemkaart alleen maar geldig is voor de gemeenteraad en dus niet straks voor de Europese verkiezingen. Een van de wethouders (jaja we hebben er vier) kwam met een formulier aan de deur. Allebei even tekenen, hij zorgde voor de rest. Want, één Europa, dat wilden wij toch ook wel ... Ik wou nog zeggen dat ik het belachelijk vind dat door Frankrijks toedoen elke maand het hele Europese circus van Brussel naar Straatsburg verhuisd, maar ach.
Daarna kwam de dienstdoend ambtenaar langs en vroeg om een kopietje van ons paspoort, oeps was vergeten, nieuwe kaart kom zo, twee weekjes. Net op tijd voor de verkiezingen monsieur Simon.
D' accord, zei ik. Mij steekt het niet op een dag.
Staat er vorige week een vreemde auto en een vreemde meneer in een vreemd uniform voor de deur.
Tikt aan zijn pet, geeft twee brieven af. Handgeschreven enveloppen. Een voor Chris en een voor mij.
In verband met onvolkomenheden volgens art, 34 lid L, sub 7 zijn wij dringend ontboden bij het Tribunal d'Instance, en wel bij de leidinggevende griffier. Datum, tijd, in de audientiezaal, melden bij de portier. Ook de préfect van het département en de burgemeester van ons dorp zijn ontboden. Dat wordt link, dacht ik, das nie goed.
Dikke stempels en handtekeningen, bijlagen van wetsartikelen in hele kleine lettertjes.
Lekker integreren. Zie je wel, de buitenlanders hebben het weer eens gedaan.
Droge kelen kregen we ervan en dat is geen goed teken.
dinsdag 22 april 2014
Bij gebrek aan een mecenas
Laatst plaatste ik een oproep op mijn facebook-pagina voor een mecenas. Het liep storm. De pagina stroomde vol met .... stilte, doodse stilte. Telefoon opgepakt om te luisteren of ie het nog wel deed, ook hier ... grande silence. Mailbox ... één groot leeg beeldscherm.
Daar wordt een mensch niet vrolijk van. Dat was ook aan mijn nieuwe werken te zien. Geen ander materiaal dan conté en houtskool kwam er in mijn handen. Ook vanwege de weigering van uitbetaling van AOW, grauw van de honger.
Gisteren gebeurde dan toch wat moest gebeuren. Wat meubels en andere roerende zaken op de brocante te koop aangeboden. Leveranciers kunnen dan wat afbetaald worden en onze slager strijkt wellicht over zijn hart voor een klein schouderkarbonaatje. Geheel tegen mijn principe bood ik ook een schilderwerkje te koop aan.
Daar stonden we dan in de brandende zon. Voor een habbekrats vloog alles weg. De menschheid wilde ons nog harder zien lijden.
De burgemeester kwam aanlopen samen met de directeur van de bibliotheek. Ze waren getipt zeiden ze. Getipt dat ik met een schilderij op de brocante stond. Loftuigingen alom. Nou ken ik dat wel, het levert alleen geen donder op. Maar in dit geval ... Voila verkocht, die burgemeester toch. Hij wil er ook nog een voor zijn werkkamer op het stadhuis. Inmiddels waren er meer mensen om ons heen komen staan. Wijzende vingers, toegeknepen ogen van de echte kunstkenners. Vragen of mijn atelier bezocht kan worden. De baas van de bibliotheek vraagt of ik niet in de hal wil komen exposeren; hij heeft er een groot budget voor; de burgemeester knikt instemmend.
Ik word op mijn schouder getikt. Ik ben journalist van de regionale krant zegt de man met een grote camera op zijn buik. Of ik maar even wil poseren bij het doek en bij de burgemeester. En morgen komt hij voor interview. Vanuit het toegestroomde publiek flitsen mobiele telefoontjes.
Tis hem echt hoor ik. Die Simon uit Nederland. Groot schilder, veel geexposeerd, aan lager wal geraakt en nu hier opgedoken. Een paar weten zelfs ons huis. Daar ja, en ze wijzen, daar met die verwilderde tuin. Tja kunstenaars he?
Tis een echte impressionist, dat zie je zo. Zelf noemt ie zijn kunst depressionistisch, lachen he? Iemand duwt een biertje in mijn handen.
Pasen, feest van de opstanding !!
Daar wordt een mensch niet vrolijk van. Dat was ook aan mijn nieuwe werken te zien. Geen ander materiaal dan conté en houtskool kwam er in mijn handen. Ook vanwege de weigering van uitbetaling van AOW, grauw van de honger.
Gisteren gebeurde dan toch wat moest gebeuren. Wat meubels en andere roerende zaken op de brocante te koop aangeboden. Leveranciers kunnen dan wat afbetaald worden en onze slager strijkt wellicht over zijn hart voor een klein schouderkarbonaatje. Geheel tegen mijn principe bood ik ook een schilderwerkje te koop aan.
Daar stonden we dan in de brandende zon. Voor een habbekrats vloog alles weg. De menschheid wilde ons nog harder zien lijden.
De burgemeester kwam aanlopen samen met de directeur van de bibliotheek. Ze waren getipt zeiden ze. Getipt dat ik met een schilderij op de brocante stond. Loftuigingen alom. Nou ken ik dat wel, het levert alleen geen donder op. Maar in dit geval ... Voila verkocht, die burgemeester toch. Hij wil er ook nog een voor zijn werkkamer op het stadhuis. Inmiddels waren er meer mensen om ons heen komen staan. Wijzende vingers, toegeknepen ogen van de echte kunstkenners. Vragen of mijn atelier bezocht kan worden. De baas van de bibliotheek vraagt of ik niet in de hal wil komen exposeren; hij heeft er een groot budget voor; de burgemeester knikt instemmend.
Ik word op mijn schouder getikt. Ik ben journalist van de regionale krant zegt de man met een grote camera op zijn buik. Of ik maar even wil poseren bij het doek en bij de burgemeester. En morgen komt hij voor interview. Vanuit het toegestroomde publiek flitsen mobiele telefoontjes.
Tis hem echt hoor ik. Die Simon uit Nederland. Groot schilder, veel geexposeerd, aan lager wal geraakt en nu hier opgedoken. Een paar weten zelfs ons huis. Daar ja, en ze wijzen, daar met die verwilderde tuin. Tja kunstenaars he?
Tis een echte impressionist, dat zie je zo. Zelf noemt ie zijn kunst depressionistisch, lachen he? Iemand duwt een biertje in mijn handen.
Pasen, feest van de opstanding !!
zondag 20 april 2014
Leven in Frankrijk : Paasdepressie
Vorige week enkele dagen met kunstvrienden in Le Tréport doorgebracht. Geschilderd, gefilosofeerd, borden vis verorberd en vele lege flessen naar de glasbak gebracht. Alles voorzien van knijterwitte krijtrotsen, strak blauwe luchten en een dito groene zee, af en doorklieft door een thuiskerende vissersboot.
Daarnaast was het rokjes- en t.shirtenweer. Ach hoe mooi was dat alles.
Dan komt de Pasen. Jezus door zijn beste vriend verraden. Op 'goede' vrijdag aan een kruis gespijkerd, stille zaterdag in een spelonk. En dan moet je ineens Vrolijk Pasen vieren.
Dat kan toch niet ? vroeg ik mij af, en ... het klopt. Het klopt nog steeds niet.
Vannacht hoosbuien, zwiepende bomen, bruin geworden bloesems. De houtkachel wil niet trekken, lampje boven de keukentafel kapot, het is meer dan ochtendfris, de barometer is wel een kwart gezakt. Het vrolijke nichtje van de buurvrouw zoekt, nu zij 16 jaar is, geen paaseieren meer. Van de Matheus passion raak je na ruim een uur ook niet meer opgewonden.
De reclamefolders van de supermarkten liggen in de prullenbak. Niks eitjes, zalm, notenkazen, tournedozen.
Want
Het heeft de regering behaagt mij twee maanden geen AOW te verstrekken. We hadden nog wat brood van afgelopen week, opgepiept gaat het best wel, en elk een half eitje ...
Boven de heuvels zie ik nog meer donkergrijze wolken aankomen. Iona verdomt het om naar buiten te gaan.
Jezus ... was het nog maar vorige week.
Daarnaast was het rokjes- en t.shirtenweer. Ach hoe mooi was dat alles.
Dan komt de Pasen. Jezus door zijn beste vriend verraden. Op 'goede' vrijdag aan een kruis gespijkerd, stille zaterdag in een spelonk. En dan moet je ineens Vrolijk Pasen vieren.
Dat kan toch niet ? vroeg ik mij af, en ... het klopt. Het klopt nog steeds niet.
Vannacht hoosbuien, zwiepende bomen, bruin geworden bloesems. De houtkachel wil niet trekken, lampje boven de keukentafel kapot, het is meer dan ochtendfris, de barometer is wel een kwart gezakt. Het vrolijke nichtje van de buurvrouw zoekt, nu zij 16 jaar is, geen paaseieren meer. Van de Matheus passion raak je na ruim een uur ook niet meer opgewonden.
De reclamefolders van de supermarkten liggen in de prullenbak. Niks eitjes, zalm, notenkazen, tournedozen.
Want
Het heeft de regering behaagt mij twee maanden geen AOW te verstrekken. We hadden nog wat brood van afgelopen week, opgepiept gaat het best wel, en elk een half eitje ...
Boven de heuvels zie ik nog meer donkergrijze wolken aankomen. Iona verdomt het om naar buiten te gaan.
Jezus ... was het nog maar vorige week.
zaterdag 5 april 2014
Boeken en nog eens boeken
Kamer vol in het oude huis. Billykasten vol met boeken. Toen kwam de verhuizing. Alles in dozen naar beneden. Er kwam geen eind aan het gesjouw. Alles moest mee, naar daar. Naar die nieuwe kamer. Maar die kamer moest nog gebouwd worden.
Licht gemopper na aankomst hier toen al die dozen weer uitgepakt moesten worden en bij gebrek aan nieuwe kamer naar boven gesjouwd moesten worden. Zoon en schoonzoon vroegen fronsend of en wanneer ik al die boeken nou eens ging lezen. En als ik ze al uit had ze niet naar de kringloopwinkel had gebracht.
Ik zal wel wat zuur geglimlacht hebben denk ik achteraf.
En zo stonden die dozen nu al maanden boven, in de slaapkamer. Je brak je nek er over. Oh ja en stof, hoorde ik vaak. En vergeet de uitelkaar gehaalde boekenkasten niet.
Op een regenachtige namiddag heb ik 's een paar dozen geopend en de inhoud bekeken. Oude studieboeken, pfff, serie oude vlaamse schrijvers. de tachtigers, naslagwerkjes over vergeten onderwerpen, nog meer pfff. Weg met die zooi. De dozen van weggooien werden voller en voller. Het moderne werk blijft, net als de kunst- en geschiedenisboeken. En de verzameling Zola uiteraard.
Hoe vertel ik het aan de sjouwers van het eerste uur. Ze hadden en hebben gelijk, die ouwe meuk ging ik echt niet meer lezen.
In de woonkamer een leuke leeshoek gekreejeerd, de rest in het atelier.
Die extra kamer ?
Ik ga eerst eens door de ceedee-verzameling, dan zien we weer verder.
Ik hoop dat de sjouwers dit blog niet lezen.
Licht gemopper na aankomst hier toen al die dozen weer uitgepakt moesten worden en bij gebrek aan nieuwe kamer naar boven gesjouwd moesten worden. Zoon en schoonzoon vroegen fronsend of en wanneer ik al die boeken nou eens ging lezen. En als ik ze al uit had ze niet naar de kringloopwinkel had gebracht.
Ik zal wel wat zuur geglimlacht hebben denk ik achteraf.
En zo stonden die dozen nu al maanden boven, in de slaapkamer. Je brak je nek er over. Oh ja en stof, hoorde ik vaak. En vergeet de uitelkaar gehaalde boekenkasten niet.
Op een regenachtige namiddag heb ik 's een paar dozen geopend en de inhoud bekeken. Oude studieboeken, pfff, serie oude vlaamse schrijvers. de tachtigers, naslagwerkjes over vergeten onderwerpen, nog meer pfff. Weg met die zooi. De dozen van weggooien werden voller en voller. Het moderne werk blijft, net als de kunst- en geschiedenisboeken. En de verzameling Zola uiteraard.
Hoe vertel ik het aan de sjouwers van het eerste uur. Ze hadden en hebben gelijk, die ouwe meuk ging ik echt niet meer lezen.
In de woonkamer een leuke leeshoek gekreejeerd, de rest in het atelier.
Die extra kamer ?
Ik ga eerst eens door de ceedee-verzameling, dan zien we weer verder.
Ik hoop dat de sjouwers dit blog niet lezen.
donderdag 3 april 2014
Kolere ... en de meidoorn bloeit
Twas weer eens een ochtendje stoom uit de oren.
Al zeker 4 weken bezig een code van de KPN te krijgen. Telkens een toezegging van toezending en terugbellen. Forget it. Raakte dat mens aan de andere kant een beetje geirriteerd. Héla hola jongedame, ik denk dat ik alle reden heb om @$%&*.
Toen de makelaar aan z'n colbert getrokken. Wanneer horen we nog eens wat over de voorlopige koopovereenkomst. Eh yes eh oui. Nou .. non dus. Niks horen. Ah .. volgende week @$%&*
Al vijf dagen geleden onze contactjuffrouw bij de bank een mail gestuurd, wanneer .... Eh ... very busy. Lundi okay? @$%&*
Al drie keer tandarts gebeld voor de zere kies van Chris. Zo ook vanochtend ... eh .... helemaal vol ....15 april .... @$%&*
Bij de zesde tandarts ... bingo! over een uur kunt u komen. Ik sta van de grond op en ga weer op mijn stoel zitten en vraag haar het te herhalen. Moeten we ons nog haasten ook ... vijf dorpen verder.
Stationsbuurt, grauw, guur en somber. Twee haveloze mannen hangen in het raamkozijn van de tandarts en kijken ons vorsend aan. Een grote eiken deur zwaait open, komt een man naar buiten. Komt u voor de tandarts? Wacht ons antwoord niet af en zegt: bon courage. We slikken allebei, Chris iets meer dan ik.
In een donkere hal zoek ik naar een bordje en bel aan. Een allerliefste assistente doet open. We zuchten allebei, ik iets meer dan Chris.
De tandarts is een jongeman, heeft al zijn tanden nog, is joviaal en legt alles uit. Fotootje, kuurtje, volgende week terug, en dan ... krak. We slikken allebei, Chris beduidend meer dan ik.
Als troost naar de plantjeswinkel. kofferbak vol.
Op de terugweg naar huis zien we knettergele koolzaadvelden en aan de bosrand de bloeiende meidoorn.
Kolere ... stoom uit je oren ... zo mooi.
Al zeker 4 weken bezig een code van de KPN te krijgen. Telkens een toezegging van toezending en terugbellen. Forget it. Raakte dat mens aan de andere kant een beetje geirriteerd. Héla hola jongedame, ik denk dat ik alle reden heb om @$%&*.
Toen de makelaar aan z'n colbert getrokken. Wanneer horen we nog eens wat over de voorlopige koopovereenkomst. Eh yes eh oui. Nou .. non dus. Niks horen. Ah .. volgende week @$%&*
Al vijf dagen geleden onze contactjuffrouw bij de bank een mail gestuurd, wanneer .... Eh ... very busy. Lundi okay? @$%&*
Al drie keer tandarts gebeld voor de zere kies van Chris. Zo ook vanochtend ... eh .... helemaal vol ....15 april .... @$%&*
Bij de zesde tandarts ... bingo! over een uur kunt u komen. Ik sta van de grond op en ga weer op mijn stoel zitten en vraag haar het te herhalen. Moeten we ons nog haasten ook ... vijf dorpen verder.
Stationsbuurt, grauw, guur en somber. Twee haveloze mannen hangen in het raamkozijn van de tandarts en kijken ons vorsend aan. Een grote eiken deur zwaait open, komt een man naar buiten. Komt u voor de tandarts? Wacht ons antwoord niet af en zegt: bon courage. We slikken allebei, Chris iets meer dan ik.
In een donkere hal zoek ik naar een bordje en bel aan. Een allerliefste assistente doet open. We zuchten allebei, ik iets meer dan Chris.
De tandarts is een jongeman, heeft al zijn tanden nog, is joviaal en legt alles uit. Fotootje, kuurtje, volgende week terug, en dan ... krak. We slikken allebei, Chris beduidend meer dan ik.
Als troost naar de plantjeswinkel. kofferbak vol.
Op de terugweg naar huis zien we knettergele koolzaadvelden en aan de bosrand de bloeiende meidoorn.
Kolere ... stoom uit je oren ... zo mooi.
zaterdag 29 maart 2014
Nieuwe tuinman
Tijdens de rouwplechtigheid in de kerk scheen het zonnetje warm de volle kerk in. Door de warmte en de eentonige stem van de voorganger dommelde ik een beetje weg. Daar zag ik de ouwe buurman en vriend Bernard weer in zijn tuin staan. Uren schoffelend en spittend. Mij uitlachend als ik na een kwartier al moe was. Hem met zijn jonge ganzen als een hoeder met stok door de tuin lopen. Als er in de verte een jagersschot viel naar kont grijpen en au au roepen alsof hij geraakt was. Mij zachtjes vertellen dat ie gisteravond op de televisie danseressen in een string gezien had. Altijd lachen als we elkaar met een : jeune homme begroetten. Salut roepen als ie weer een pannetje aardappelen of bonen voor ons had. Altijd vergezeld met een poep of piesgrap. En dan bulderde hij het weer uit.
Ik moest glimlachen om al die dierbare herinneringen, maar liet het niet blijken in de kerk.
Bang was hij wel voor het moment als hij niet meer de tuin kon bewerken, de eigenaar van wie hij het huurde de grond zou verkopen en er wellicht een huis opgebouwd zou worden.
Ook wij en andere buren hadden die angst. Tis een mooi stuk grond, heel mooi, en het grenst aan onze tuin.
Na zijn dood stond het al snel te koop. Zonder ruchtbaarheid, uit respect voor hem en zijn vrouw.
We hebben gerekend en gerekend. Nu is het zo ver.
VAN ONS.
Zijn weduwe dolgelukkig en kuste ons. Met zijn driejen keken we naar de tuin. Je suis tres content, zei ze toen ze wegliep, et Bernard aussi. Dan houd je het niet meer droog.
Vandaag. Chris en ik hebben het erover en kijken er naar. Durven er niet in te lopen. Het is en blijft zijn tuin.
Ik moest glimlachen om al die dierbare herinneringen, maar liet het niet blijken in de kerk.
Bang was hij wel voor het moment als hij niet meer de tuin kon bewerken, de eigenaar van wie hij het huurde de grond zou verkopen en er wellicht een huis opgebouwd zou worden.
Ook wij en andere buren hadden die angst. Tis een mooi stuk grond, heel mooi, en het grenst aan onze tuin.
Na zijn dood stond het al snel te koop. Zonder ruchtbaarheid, uit respect voor hem en zijn vrouw.
We hebben gerekend en gerekend. Nu is het zo ver.
VAN ONS.
Zijn weduwe dolgelukkig en kuste ons. Met zijn driejen keken we naar de tuin. Je suis tres content, zei ze toen ze wegliep, et Bernard aussi. Dan houd je het niet meer droog.
Vandaag. Chris en ik hebben het erover en kijken er naar. Durven er niet in te lopen. Het is en blijft zijn tuin.
donderdag 27 maart 2014
Zuur lachen
Alleen het dak en de muren waren blijven staan. Van binnen werd alles gesloopt, gestript en weer in nieuwstaat opgeknapt. Na een aantal maanden trokken de stofwolken op bij het huis aan de overkant.
Nieuw huis voor een jong stel dat voor het eerst gaat samenwonen. We kennen ze, leuke mensen.
Klop, klop aan de keukendeur. Het jonge stel met een uitnodiging voor een welkomstborrel. Ha, een housewarmingparty, zeiden wij. Verbaasd en vooral niet begrijpend werden we aangekeken.
Vorige week was het zover. Iedereen stapte op de afgesproken tijd naar binnen.
We werden overweldigd door een verpletterend licht. Witte plafonds, muren, vloeren. In het midden van de kamer een grote tafel met een twaalftal stoelen. Niks, niets verder, alleen ... een grote tl.balk, stadionformaat. We rangschikten ons. Beleefdheden en complimenten werden uitgedeeld.
Flessen vulden de glazen, schalen met hapjes. Er ontstond een gezellig geroezemoes. Die ouwe Jacques had zijn nieuwe vriendin meegenomen. In de tachtig, ze glommen. Hervé mompelde voortdurend iets onverstaanbaars. De jongelui antwoorden op alle vragen over het huis, hun werk.
Antoinette wreef opvallend met regelmaat over haar linkerknie. De verkiezingen kwamen voorbij en het plaatsen van windmolens. En wij ... deden ons uiterste best in het Frans.
Plotseling begin de ouwe Jacques een mop te vertellen en eiste met zijn hard basstem alle aandacht op. Een gynaecoloog, een gevulde onderzoekstafel, en een telefoongesprek.
Oei, geen mop voor dit gezelschap ouwe, dacht ik. Hard lachend rondde hij de mop af, keek het gezelschap in het rond. Er werd wat zuur geglimlacht en razendsnel op andere onderwerpen ingestoken.
Vertwijfeld keek Jacques zijn vriendin aan, die frummelde wat met een zakdoekje en streek het daarna driftig glad op haar schoot.
We hebben haar al dagen niet meer gezien en Jacques bromt alleen maar Bonjour als ik voorbij loop.
Nieuw huis voor een jong stel dat voor het eerst gaat samenwonen. We kennen ze, leuke mensen.
Klop, klop aan de keukendeur. Het jonge stel met een uitnodiging voor een welkomstborrel. Ha, een housewarmingparty, zeiden wij. Verbaasd en vooral niet begrijpend werden we aangekeken.
Vorige week was het zover. Iedereen stapte op de afgesproken tijd naar binnen.
We werden overweldigd door een verpletterend licht. Witte plafonds, muren, vloeren. In het midden van de kamer een grote tafel met een twaalftal stoelen. Niks, niets verder, alleen ... een grote tl.balk, stadionformaat. We rangschikten ons. Beleefdheden en complimenten werden uitgedeeld.
Flessen vulden de glazen, schalen met hapjes. Er ontstond een gezellig geroezemoes. Die ouwe Jacques had zijn nieuwe vriendin meegenomen. In de tachtig, ze glommen. Hervé mompelde voortdurend iets onverstaanbaars. De jongelui antwoorden op alle vragen over het huis, hun werk.
Antoinette wreef opvallend met regelmaat over haar linkerknie. De verkiezingen kwamen voorbij en het plaatsen van windmolens. En wij ... deden ons uiterste best in het Frans.
Plotseling begin de ouwe Jacques een mop te vertellen en eiste met zijn hard basstem alle aandacht op. Een gynaecoloog, een gevulde onderzoekstafel, en een telefoongesprek.
Oei, geen mop voor dit gezelschap ouwe, dacht ik. Hard lachend rondde hij de mop af, keek het gezelschap in het rond. Er werd wat zuur geglimlacht en razendsnel op andere onderwerpen ingestoken.
Vertwijfeld keek Jacques zijn vriendin aan, die frummelde wat met een zakdoekje en streek het daarna driftig glad op haar schoot.
We hebben haar al dagen niet meer gezien en Jacques bromt alleen maar Bonjour als ik voorbij loop.
zondag 23 maart 2014
Overschaduwd
Tis vandaag stemmen in Frankrijk. Nieuwe gemeenteraad. Hier in het kleine dorp heerst commotie. Er is een tweede lijst. Een lijst der subversieven, so to speak. Zeshonderd inwoners, twee lijsten met elk vijftien kandidaten. Indrukwekkende verkiezingsprogramma's, beiden hebben wel drie kantjes ideejen. Kom daar in Nederland is om.
Maar er ligt een diepe grauwsluier over de verkiezingen hier. Vorige week overleed onze burgervader. Op leeftijd was hij al. Zaterdag stond hij in het gemeentehuis opgebaard, daar waar straks de stembus zal staan.
Gisteren overleed in een groter nabuurdorp de lijsttrekker van een partij. Zo maar, plotseling, tijdens een verkiezingsbijeenkomst. Een jonge lieve energieke man. Onze dierenarts. Twee dagen eerder spraken we hem nog en maakten grapjes.
Ik zag op uitzending gemist ook de verkiezingen in Nederland. Ook een en al grauwsluier. Maar die wordt door de kiezers over zichzelf en daar door over het hele land uitgeroepen. Je moet toch wel een grauwsluier in je kop hebben om op 'zulk gedachtengoed' te stemmen.
Buiten is het weer niet veel beter, de vooruitzichten trouwens ook niet.
Maar er ligt een diepe grauwsluier over de verkiezingen hier. Vorige week overleed onze burgervader. Op leeftijd was hij al. Zaterdag stond hij in het gemeentehuis opgebaard, daar waar straks de stembus zal staan.
Gisteren overleed in een groter nabuurdorp de lijsttrekker van een partij. Zo maar, plotseling, tijdens een verkiezingsbijeenkomst. Een jonge lieve energieke man. Onze dierenarts. Twee dagen eerder spraken we hem nog en maakten grapjes.
Ik zag op uitzending gemist ook de verkiezingen in Nederland. Ook een en al grauwsluier. Maar die wordt door de kiezers over zichzelf en daar door over het hele land uitgeroepen. Je moet toch wel een grauwsluier in je kop hebben om op 'zulk gedachtengoed' te stemmen.
Buiten is het weer niet veel beter, de vooruitzichten trouwens ook niet.
zaterdag 22 maart 2014
leven in frankrijk: Leven in Frankrijk: Probeersel
leven in frankrijk: Leven in Frankrijk: Probeersel: Uit de lucht geweest we gaan het weer proberen TEST
vrijdag 21 maart 2014
vrijdag 31 januari 2014
Leven in Frankrijk: Dodenakker
Het was enkele dagen na de begrafenis van onze oude overbuurman Bernard. Het had dagen geregend en toen begon het ook nog te waaien.
Vanuit ons keukenraam kijk je op zijn moestuin. Vette klei, plassen water in diepe voren, verrotte groente. Midden in de tuin een van landbouwplastic zelf gefabriceerd huisje. Daarin stonden 's zomers zijn tomatenplanten, wat gereedschap en een plastic tuinstoel waarin hij ging zitten als hij moe was. En dat gebeurde vaker en vaker.
De wind heeft vrij spel, laat bomen krommen en rukt aan het plastic huisje. En was al een scheur ingekomen, een flap klapperde vervaarlijk en de stoel, zijn stoel was omgevallen.
Boven scheerde grauwe wolken.
De wind en de wolken, de enige tekenen van leven.
Dood is de moestuin.
Doods.
Vanuit ons keukenraam kijk je op zijn moestuin. Vette klei, plassen water in diepe voren, verrotte groente. Midden in de tuin een van landbouwplastic zelf gefabriceerd huisje. Daarin stonden 's zomers zijn tomatenplanten, wat gereedschap en een plastic tuinstoel waarin hij ging zitten als hij moe was. En dat gebeurde vaker en vaker.
De wind heeft vrij spel, laat bomen krommen en rukt aan het plastic huisje. En was al een scheur ingekomen, een flap klapperde vervaarlijk en de stoel, zijn stoel was omgevallen.
Boven scheerde grauwe wolken.
De wind en de wolken, de enige tekenen van leven.
Dood is de moestuin.
Doods.
zondag 26 januari 2014
Leven in Frankrijk: Ik denk dat ik ....
Ik denk dat ik een dezer dagen weer eens een kollumpje ga schrijven.
Tis namelijk heel druk hier op het platteland en dito in de huizen.
Dat trekt mijn hoofd niet alle dag
Maar er komt ruimte
Nog even dus
Salut
Tis namelijk heel druk hier op het platteland en dito in de huizen.
Dat trekt mijn hoofd niet alle dag
Maar er komt ruimte
Nog even dus
Salut
Abonneren op:
Reacties (Atom)